Kunnen verenigingen hun voordeel halen uit de nieuwe mededingingswetgeving ?

Dankzij de deskundige toelichting van advocaat Olivier Dugardyn kregen de deelnemers aan de 8e BSAE meetup van verenigingsmanagers een inzicht in de aansprakelijkheden die bestuurders, verenigingsmanagers en personeel van verenigingen kunnen oplopen. In het bijzonder werd stil gestaan bij de nieuwe mededingingswet die ervoor moet zorgen dat er geen concurrentievervalsende afspraken en activiteiten in de schoot van federaties worden geïnitieerd.

Hoewel wetgeving automatisch een reflex van argwaan en voorzichtigheid lijkt teweeg te brengen, was de teneur van de lezing helemaal niet om de aanwezigen de daver op het lijf te jagen. Uiteraard vraagt het beheren en managen van een vzw enige omzichtigheid. In de praktijk schijnen bovendien net de kleinere organisaties gevoelig voor – meestal ongewilde – onzorgvuldigheid. In veel gevallen gaat het om administratieve formaliteiten zoals het niet naleven van de publicatieplicht, onduidelijkheid over het ‘mandaat’, een verkeerd gebruik van handtekeningsbevoegdheid, enzovoort. Zaken die met beperkte inspanning verholpen kunnen worden.

Centraal stond echter de nieuwe mededingingswetgeving, waarbij ‘nieuw’ eigenlijk enkel slaat op de toegevoegde persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurders, managers (ook zij met managementvennootschap) en personeel. Iets wat vanuit de Europese wetgeving al ingevoerd werd in buurlanden, maar nu voor het eerst bij ons. Dit is weliswaar een belangrijke wijziging, maar ook hier weer geen reden tot paniek. Een goed inzicht in de problematiek is uiteraard wel wenselijk. En de vele praktische tips die de spreker gaf om al heel wat ellende te vermijden, stemden mij tot nadenken.

Hoe kan een organisatie haar voordeel halen uit de beperkingen die de wetgeving oplegt om concurrentievervalsing, kartelvorming en dergelijke te voorkomen ?

Ik probeer even los uit de pols een situatie te bedenken. Neem bijvoorbeeld data-verzameling en data-uitwisseling – ongetwijfeld core-business voor heel wat organisaties: wie doet wat op welke manier in onze sector? Breng dat in kaart en je geeft letterlijk ‘business intelligence’ aan de leden, maar mag het wel ? Nagaan waar je de wettelijke grens overschrijdt, kan leiden tot een nieuwe, bredere aanpak van data-analyse. Hierdoor krijg je misschien andere, niet marktverstorend, inzichten over de sector. Hoeveel producten en tegen welke verkoopprijs is niet aangeraden om te verspreiden onder mekaar, maar stel dat je informatie over de manier waarop producten door klanten ervaren worden (bv. via social media) gaat inventariseren. Stel dat je kwalitatieve opinies van key-players onder de leden koppelt aan ruwe publieke data zoals financiële gegevens, maar ook de toenemende publieke data inzake andere dan financiële prestaties (bv. in het kader van een duurzaamheidsrapport). Stel dat je niet enkel klanten betrekt maar ook kennis uit stakeholdersoverleg meeneemt bij de sectoranalyse ?  Stel dat…

Terwijl we toch een compliance-check doen inzake mededinging, is het misschien de moeite waard om hier dieper op in te gaan ?

 Meer weten ? Contacteer BSAE – Marc Mestdagh (marc@bsae.behttp://www.bsae.be)

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: